Om aanvullend onderzoek te kunnen doen hebben wij op de praktijk een eigen laboratorium. Hier kunnen wij diverse onderzoeken snel en betrouwbaar voor u uitvoeren:

  • Melk
  • Mest
  • Bloed
  • Urine

Melk

Celgetalbepaling

Met onze celgetalmeter kunnen we per koe of per kwartier het celgetal meten. Het bepalen van het celgetal is handig om te bepalen welk kwartier de boosdoener is bij een hoog celgetal koe of om te kijken of een koe genezen is na behandeling. Daarnaast is het belangrijk om het celgetal te weten voordat u koeien wel of niet met antibiotica droogzet. Let op: Dit onderzoek kan alleen bij melk die niet ingevroren is geweest.

Bacteriologisch Onderzoek (BO)

Door bacteriologisch onderzoek van de melk kunnen we de verwekker van de uierontsteking of van het hoge celgetal bepalen. Nadat de melk wordt ingeleverd wordt deze op 3 verschillende platen uitgeënt zodat de kiemen daarop kunnen groeien. Na 24 uur worden deze platen afgelezen en is de verwekker bekend. Soms zijn aanvullende testen nodig om met zekerheid de juiste bacterie te bepalen. Aan de hand van de uitslag kunnen we u een gericht behandeladvies geven en kunnen preventieve maatregelen genomen worden. In geval van een koegebonden bacterie is de melktechniek zeer belangrijk en in het geval van een omgevingskiem speelt de huisvesting (inclusief weide & strohokken) een belangrijke rol. Melk voor bacteriologisch onderzoek mag wel zijn ingevroren.

Gevoeligheidsbepaling (ABG)

Na het kweken van een verwekker tijdens het bacteriologisch onderzoek kan gekeken worden voor welke antibiotica deze bacterie gevoelig is. De bacterie wordt opnieuw op kweek gezet, nu met verschillende soorten antibiotica. Met de uitslag krijgt u inzicht in de gevoeligheid voor antibiotica van de verschillende kiemen op uw melkveebedrijf.

Soms krijgen we een vervuild monster binnen en dat ziet eruit als de foto rechts. Hier kunnen we niets mee, dus probeer zo schoon mogelijk een melkmonster te nemen. Zie ook de pagina Uiergezondheid.

Mest

Onderzoek mest jonge kalveren met diarree

Diarree is nog steeds een veel voorkomende aandoening bij jonge kalveren. Mest van een kalf met diarree kunnen wij met behulp van een sneltest onderzoeken op E.coli, Rotavirus, Coronavirus en Cryptosporidiën, de meest voorkomende oorzaken van diarree. Aan de hand van de uitslag kunnen wij u een gerichte behandeling adviseren voor de kalveren met diarree en een plan van aanpak om diarree in de toekomst te voorkomen. De uitslag van het onderzoek krijgt u nog dezelfde dag.

Coccidiose

Coccidiose is geeft diarree en groeivertraging bij de kalveren. Met behulp van microscopisch onderzoek van de mest kunnen we kijken of er eitjes van coccidiën in de mest zitten. De kalveren kunnen in de bek behandeld worden met Baycox.

Maagdarmwormen

Weidend jongvee komt in aanraking met maagdarmwormen, zo ontwikkelen zij hier weerstand tegen. Een te heftige maagdarmworminfectie veroorzaakt echter groeivertraging. Met behulp van microscopisch onderzoek van de mest kunnen we kijken of het jongvee een maagdarmwormen infectie doormaakt. Zo kunt u tijdig ontwormen en de groeivertraging minimaliseren.

Longwormen

Weidend jongvee komt in aanraking met longwormen en als gevolg hiervan gaan ze hoesten. Door middel van mestonderzoek kunnen we kijken of er longwormlarven in de mest aanwezig zijn. Zeker bij een longworminfectie is het erg belangrijk deze snel op te sporen en te bestrijden om schade aan de longen te voorkomen.

Leverbot

Om te kijken of uw jongvee last heeft gehad van leverbot kunnen wij op de praktijk mest onderzoeken op leverboteieren. Hiervoor is een mengmestmonster met minimaal 10 gram mest benodigd.

Bloed

Calcium & Magnesium 

Wanneer koeien niet of slecht reageren op een melkziekte infuus kan het calcium en het magnesium gehalte in het bloed bepaald worden om te zien of dit daadwerkelijk het probleem is.

CPK

Bij een liggende koe die geen melkziekte meer heeft kan er sprake zijn van spierschade. Bij ernstige spierschade komen er veel spierenzymen (CPK) vrij in het bloed. De bepaling van de spierenzymen in het bloed kan helpen om een inschatting te maken van de ernst van de spierschade en zo ook van de kans op herstel van de koe.

Ontstekingsbeeld

Bij koeien die om onbekende reden niet goed produceren en eventueel koorts hebben kan het nuttig zijn om te kijken of er sprake is van een ontsteking. In het bloed wordt gekeken of er sprake is van een acute of een chronische ontsteking. Zo kan bepaald worden of een behandeling nodig is en nog zin heeft. Hiervoor bepalen we zowel het totaal eiwit als het albumine. Daarnaast kunnen we ook een bloedbeeldonderzoek uitvoeren.

Urine

Om te weten of de magnesiumvoorziening van de droogstaande en melkgevende koeien voldoende is kan urine van 5 dieren onderzocht worden. Het magnesiumgehalte in de urine wordt dan bepaald. Dit geeft een goed beeld van de magnesiumvoorziening bij deze koeien.

Biest

De biestkwaliteit is van groot belang voor de weerstand van het kalf in de eerste levensdagen. Als de biestkwaliteit onvoldoende is, hebben de kalveren veel meer kans op diarree en longinfecties. Door middel van onderzoek van de biest kijken we of er voldoende afweerstoffen in zitten om het kalf een goede weerstand mee te geven.